15 feb 2019

In het nieuwe energiesysteem moeten het stroom- en gasnet meer gaan samenwerken

Systeemintegratie belangrijk om klimaatdoelen te halen

  • In de nieuwe, duurzame energievoorziening zullen stroom en gassen elkaar aanvullen om het systeem betrouwbaar en betaalbaar te houden;
  • Door de netwerken meer aan elkaar te koppelen, ontstaan nieuwe mogelijkheden voor transport en opslag en blijft betrouwbaarheid van het systeem gehandhaafd;
  • Onderzoek TenneT en Gasunie leidt tot nieuwe inzichten over het energiesysteem van de toekomst in Nederland en Duitsland;
  • Onderzoek is onderdeel van het Nederlandse ontwerp-Klimaatakkoord, waarin systeemintegratie een belangrijke rol heeft.

De landelijke netbeheerders TenneT (elektriciteit) en Gasunie (gas) publiceren vandaag hun Infrastructure Outlook 2050. Dit is de eerste gezamenlijke studie naar hoe het energiesysteem in Nederland en Duitsland in de toekomst goed kan blijven functioneren. Uit het onderzoek blijkt dat de bestaande elektriciteits- en gasinfrastructuur in Nederland en Duitsland een cruciale rol blijven spelen voor het behalen van de klimaatdoelstellingen van Parijs.
Om de betrouwbaarheid van het energiesysteem te borgen, is wel een nauwe samenwerking tussen beide infrastructuren nodig. Alleen door de twee systemen meer te integreren kunnen de groeiende schommelingen in de productie van zonne- en windenergie worden opgevangen. Het onderzoek van Gasunie en TenneT laat voor het eerst ook in verschillende scenario’s zien hoe de energievoorziening van de toekomst zich verder kan ontwikkelen.

De beheerders van hoogspannings- en gasinfrastructuur, beide actief in Nederland én Duitsland, hebben voor hun uitgebreide studie de klimaatdoelstellingen van Parijs (COP21) als uitgangspunt genomen. Hoewel onderdelen van het toekomstige energiesysteem onder de huidige omstandigheden nog niet economisch haalbaar zijn, zullen de kosten naar verwachting verder dalen, mede doordat de technologie steeds beter wordt.

Manon van Beek, CEO van TenneT: "Zon pv en windenergie op zee hebben in heel korte tijd enorme kostendalingen laten zien. En als overheden hogere doelstellingen voor beperking van CO2-uitstoot blijven vaststellen, versnelt de energietransitie. Daarom moeten we nu al samen actie ondernemen. Deze Outlook 2050 van TenneT en Gasunie is een goede, gezamenlijke start met niet eerder getoonde inzichten. Ook de industrie is in dit proces een cruciale partner. Energiesystemen worden immers niet van de ene dag op de andere omgevormd, maar vereisen een langdurige en gezamenlijke inspanning."

Han Fennema, CEO van Gasunie: "De studie laat de vereisten en de beperkingen zien van een toekomstig, CO2-neutraal energiesysteem. Om de toenemende schommelingen in het energienet aan te kunnen, hebben we gas- en elektriciteitsinfrastructuren nodig die naadloos op elkaar zijn afgestemd. Als er iets duidelijk wordt uit onze Outlook 2050 is het wel dat het koppelen van het netwerk van TenneT met dat van Gasunie de flexibiliteit zal geven die het energiesysteem nodig heeft. Dat houdt het systeem bovendien betrouwbaar en betaalbaar."

De Infrastructure Outlook 2050 maakt deel uit van het Nederlandse ontwerp-Klimaatakkoord en is officieel aangeboden aan Ed Nijpels, voorzitter van het Klimaatberaad: "Deze outlook laat goed zien dat samenwerking noodzakelijk is om de energietransitie tot een succes te maken. TenneT en Gasunie maken duidelijk tempo om de uitdagingen die voor ons liggen op te pakken. Deze manier van werken is een voorbeeld van wat we vaker gaan zien de komende jaren."

Belangrijkste conclusies uit de Infrastructure Outlook 2050

De bestaande elektriciteits- en gasinfrastructuur spelen een cruciale rol in het energiesysteem van de toekomst. Elektriciteit en gas vullen elkaar goed aan. Rechtstreeks transport van elektriciteit naar die sectoren waar elektrificatie haalbaar is, blijft de beste optie. Voor de overige sectoren kunnen (duurzame) gassen, zoals (groene) waterstof, uitkomst bieden.

  • De mogelijkheden voor de opslag van elektriciteit nemen tot 2050 verder toe. Alleen gasopslag is vanwege de veel grotere volumes een oplossing voor seizoensgebonden opslag. Hiermee kunnen langere perioden van koude (hoge vraag) en weinig elektriciteitsproductie door zon en weinig wind - worden opgelost.
     
  • Waterstof kan een belangrijke rol gaan spelen in het toekomstige energiesysteem. Veel waterstof wordt dan gemaakt uit (overschotten) van zon- en windenergie, ook wel power-to-gas (P2G) genoemd. Het is wél van belang dat er P2G-installaties dichtbij duurzame elektriciteitsproductie geplaatst worden. Hiermee kunnen forse uitbreidingskosten van het elektriciteitsnet worden voorkomen.
     
  • Alle scenario’s laten een sterke groei zien in de behoefte aan elektriciteitstransport, door elektrificatie van de markt en door duurzame opwekking van energie. Dit zal uiteindelijk leiden tot een aanzienlijke toename van het gebruik van hoogspanningsnetten. Om overbelasting te voorkomen is uitbreiding van de netten voor elektriciteitstransport noodzakelijk.

Voor een succesvolle energietransitie zien TenneT en Gasunie twee voorwaarden.

  1. De politieke bereidheid om nieuwe elektriciteitstransportlijnen aan te leggen om de voorspelde groei van de vraag van de eindgebruikers en de totstandbrenging van een duidelijk ondersteunend regelgevend kader te ondersteunen;
  2. Het creëren van een duidelijk ondersteunend regelgevend kader voor de integratie van P2G-installaties (waterstof) in het systeem om de noodzakelijke flexibiliteit aan het systeem toe te voegen én de totale kosten voor netuitbreidingen tot een minimum te beperken.

Vervolgstappen

De Outlook 2050 is een initiatief in het kader van het ontwerp-Klimaatakkoord. Naar aanleiding van de Outlook 2050 zullen Gasunie en TenneT ook de volgende stappen zetten om met regionale netbeheerders om een geïntegreerd infrastructuuronderzoek 2030-2050 uit te voeren. Deze integrale Infrastructuurverkenning 2030 – 2050 ligt ook als één van de afspraken in het ontwerp Klimaatakkoord vast. Dit onderzoek moet in 2021 beschikbaar zijn. Het zal meer duidelijkheid geven de ontwikkeling van de vraag naar elektriciteit en gassen. In het onderzoek worden de bevindingen uit de Regionale EnergieStrategieën (RES) meegenomen.