Reactie op TNO rapport 'Van exporteur naar importeur'

Groningen

Onderzoeksinstituut TNO stelt in zijn recent uitgebrachte white paper 'Van exporteur naar importeur' dat Nederland eerder een netto gasimporteur zal zijn dan tot dusver aangenomen en dringt aan op een 'adaptief beleid'. Het is te waarderen dat het rapport een bijdrage wil leveren aan het energiedebat en goede beleidsvorming met betrekking tot de grote veranderingen die de Nederlandse energievoorziening – met daarin nu nog een dominante rol voor aardgas – de komende decennia zal doormaken. Het is juist daarom jammer dat op enkele belangrijke punten de informatie, met bijbehorende beeld niet volledig actueel c.q. accuraat is.

Het is goed dat het rapport de relatie tussen aardgas, met de daarmee verbonden vraag/aanbod-ontwikkelingen, en de energietransitie nadrukkelijk onder de aandacht brengt, met name de rol van gas voor flexibiliteit en leveringszekerheid. Het is inderdaad van groot belang dat we ons realiseren hoe groot die bijdrage van gasvormige energiedragers is aan de flexibiliteit (en daarmee de betrouwbaarheid en stabiliteit) in de energievoorziening. Het rapport geeft een voorbeeld van een grote ondergrondse gasopslag waar in gasvorm een hoeveelheid energie ter grootte van vijf miljard 14 KWh Tesla Power Walls kan worden opgeslagen. Hoe flexibiliteit in de toekomst moet worden geborgd is een belangrijk vraagstuk. (Zie voor meer informatie daarover ook De rol van gas en Gasunie in de duurzame energievoorziening en Van visie naar doen.)

Gasunie constateert wel dat het TNO-rapport een incorrecte weergave heeft waar het gaat om het voor de leveringszekerheid benodigde volume uit het Groningen-veld voor de komende jaren. TNO meldt, onder verwijzing naar de brief van minister Kamp aan de Tweede Kamer van 12 september 2016, dat 'het benodigde volume aan Groningengas tot en met 2020 jaarlijks met 2 miljard bcm [kubieke meter] kan worden teruggebracht'. De brief zelf (gebaseerd op GTS-cijfers) stelt echter dat bij een afnemende Groningenproductie van ongeveer 2 miljard m3 per jaar (mogelijk door marktombouw in het buitenland) de gehele markt voor laag-calorisch gas volledig beleverd kan blijven worden, dus ook na 2020 – zonder additionele stikstofinvesteringen. Door die afname zou het benodigde volume in 2029 dan op 7 miljard kubieke meter zijn uitgekomen.

Gasunie vindt het onevenwichtig dat de beeldvorming van de Nederlandse vraag/aanbodbalans zich enigszins selectief toespitst op slechts één van de gepresenteerde scenario’s, namelijk een scenario waarin al over een jaar of vier een structurele importafhankelijkheid zal ontstaan. Met evenveel recht had TNO in lijn met een van haar andere scenario’s kunnen stellen dat met het huidige beleid nog tot circa 2030 flexibiliteit/leveringszekerheid met behulp van aardgas vanuit Nederland kan worden gegarandeerd.

Zie voor actuele informatie over diverse gasvraagscenario’s en netwerkontwikkeling het Netwerk Ontwikkelingsplan 2017 van Gasunie Transport Services.

Maar in feite zijn de scenario’s niet het echte punt. Want dat het binnenlandse aanbod vermindert en het buitenlandse aanbod toeneemt staat al jaren als een paal boven water. Waar het om gaat is dat een toename van import via de gasrotonde helemaal geen probleem hoeft te zijn. Dat blijkt uit de dagelijkse realiteit, waarin die toename van import allang een feit is. Het proces waarbij Nederland gaandeweg steeds meer gas uit allerlei richtingen binnenkrijgt is al jaren gaande. Dat de rol van Groningengas zou teruglopen werd al jaren geleden voorzien en wordt mogelijk gemaakt door het beleidsconcept van de gasrotonde. Dat concept komt extra van pas nu de bevingen in Groningen tot een versnelling in de teruggang van Groningen-volumes leiden, maar het is niet juist om het thema 'van exporteur naar importeur' extra urgentie toe te dichten door het te verbinden met de context van bevingen. Los van die context hebben Gasunie en andere partijen in de afgelopen jaren de infrastructuur voor de gasrotonde gecreëerd. Er zijn nu al perioden dat de inkomende stromen (let wel: niet alleen voor binnenlands gebruik, maar ook voor doorvoer) de uitgaande stromen overtreffen. Nederland is gaandeweg ingebed geraakt in een 'interconnectieve' Europese gasmarkt. Dank zij de grote diversificatie van aanvoermogelijkheden is er geen sprake van eenzijdige afhankelijkheid en moeten aanbieders ook op prijs concurreren. Dat dat prettig is concludeert ook het whitepaper als zij stelt: 'aan betaalbaar LNG geen gebrek'.

Dankzij de in de afgelopen jaren ontwikkelde infrastructuur – een internationaal aangesloten gasrotonde die gasstromen uit vele richtingen kan ontvangen, zijn de internationale stromen allang op gang. De suggestie dat er nu sprake zou zijn van 'het betreden van onbekend terrein', het naderen van 'een kritiek punt', waar met 'adaptief beleid' dringend iets aan gedaan moet worden is dus niet goed te begrijpen.

Waar het echt om gaat is hoe we er op de langere termijn voor zorgen dat de energietransitie lukt, dat de klimaatdoelstellingen tijdig kunnen worden gehaald met een CO2-arme energievoorziening die voor iedereen veilig is. Die bovendien betrouwbaar is, en betaalbaar gehouden kan worden. Dat is wel degelijk nog grotendeels 'onbekend terrein'. Daarin kan gas en gasinfrastructuur, in aansluiting op een toenemend aantal duurzame bronnen, een goede bijdrage leveren. Het gaat dan in toenemende mate om hernieuwbaar gas, maar ook om aardgas – waarbij aardgas daar wordt ingezet waar het direct CO2-uitstoot kan verminderen (in plaats van kolen bijvoorbeeld) of waar een beter en duurzamer alternatief (nog) niet voorhanden is. En waar die alternatieven er wel zijn zal aardgas daarvoor plaatsmaken. Want – dat stelt het whitepaper terecht: 'aardgas zal in de toekomst enkel nog in dienst staan van de energietransitie'. In 2050 mag geen enkele energietoepassing CO2 in de atmosfeer uitstoten. Een enorme uitdaging, waar de vraag of Nederland (net als de 27 andere EU-lidstaten) kan omgaan met een rol als importeur in plaats van exporteur, bij in het niet valt. Op díe vraag bestaat het antwoord al: Nederland kan dat – want het gebeurt al.

Deel deze pagina:

Meer Gasunie ...

Hieronder vindt u een overzicht van andere websites van Gasunie. Op deze websites staat onder andere meer informatie over de verschillende projecten en deelnemingen van Gasunie. Met de zoekfunctie in deze website kunt u ook onderstaande websites doorzoeken.

Zoek binnen Gasunie-websites

Verbergen