Spring naar inhoud

Op pad met de ecoloog: Wat leeft er langs het tracé?

5 juni 2026 - Nieuwsbrief Delta Rhine Corridor West #10

Wie langs het toekomstige tracé van de Delta Rhine Corridor loopt, ziet misschien vooral weilanden, sloten, bomen en hier en daar wat struiken. Maar er leeft veel meer. En precies dát proberen de ecologen Anne Paulusse van Sweco/Fugro en Bart Hendrikx van Antea Group in beeld te brengen. Zij trekken samen met hun collega’s een jaar lang het veld in, op zoek naar planten en dieren. Van kleine insecten tot vogels, vleermuizen en zelfs bevers.

Een puzzel van 140 kilometer

Het tracé van DRC West loopt van de Maasvlakte via het Hollands Diep tot aan Boxtel. Dat is zo’n 140 kilometer door heel verschillende landschappen zoals havengebied, landbouwgrond, boomkwekerijen, natte natuur en gebieden langs bestaande wegen en rivieren.

'De complexiteit zit vooral in de combinatie van de grootte van het gebied en die variatie,' legt Anne van Sweco/Fugro uit. 'Per deel van het traject verschillen de soorten die je kunt verwachten en dus ook de manier waarop je onderzoek doet. Het is geen standaardaanpak. Het onderzoek bestaat uit verschillende onderdelen die uiteindelijk goed op elkaar moeten aansluiten.'

Ook Bart van Antea Group herkent dat beeld. 'Ecologisch onderzoek is altijd al een puzzel,' zegt hij. 'Maar hier wordt het extra complex doordat alles tegelijk moet kloppen: de juiste periode, het juiste weer, toegang tot het terrein én het volgen van strikte onderzoeksprotocollen. Mis je een moment, dan kan het zomaar betekenen dat je een jaar moet wachten.'

Alles draait om timing

Niet alle soorten laten zich zomaar zien. Veel dieren zijn alleen in bepaalde periodes goed te vinden. Vogels bijvoorbeeld tijdens het broedseizoen, amfibieën in een specifieke fase van het jaar en vleermuizen juist vaak in de avond of nacht. Dat betekent dat ecologen steeds op een ander moment op de juiste plek moeten zijn.

'Het onderzoek bestaat uit allerlei tijdvensters,' legt Anne uit. 'Per soort is vastgelegd wanneer en hoe je moet onderzoeken. Denk aan temperatuur, tijdstip en zelfs het aantal bezoeken. Daardoor moet je het veldwerk heel zorgvuldig plannen. Daarom werken de ecologen in stappen. Eerst kijken ze wat al bekend is en waar nog informatie ontbreekt. Daarna plannen ze het veldwerk zo dat de belangrijkste gegevens op tijd beschikbaar zijn.'

'Je wilt dat onderzoek en projectontwikkeling tegelijk door kunnen gaan,' aldus Anne 'Daarom stemmen we continu af met ontwerp en planning. Zo zorgen we dat de juiste informatie op het juiste moment beschikbaar is.'

Een groot team, ieder met zijn eigen specialisme

Achter het onderzoek zit een grote groep specialisten. Alleen al bij Sweco werken ongeveer 30 ecologen aan het project, aangevuld met externe experts. Ook bij Antea Group is sprake van een groot team, waarbij iedereen zijn eigen expertise heeft. De één weet alles van vleermuizen, de ander van planten, vogels of amfibieën. Die kennis is nodig, want sommige soorten vragen om heel specifieke aanpakken. 'Voor bepaalde soorten heb je jaren ervaring nodig voordat je iemand in het veld kunt inzetten,' zegt Bart. 'Dat maakt sommige specialismen schaars.'

Wat leeft er eigenlijk in de Delta Rhine Corridor West?

Het onderzoek moet uiteindelijk duidelijk maken welke soorten er aanwezig zijn. En dat zijn er nogal wat. In het gebied komen waarschijnlijk beschermde soorten voor, zoals vleermuizen en amfibieën, bijvoorbeeld de rugstreeppad. Ook kunnen bijzondere dieren voorkomen zoals de das, bever of zelfs de oehoe. Daarnaast gaat het om planten, vogels en insecten die ieder hun eigen rol spelen in het ecosysteem. 

Voor ecologen blijft dat spannend. 'Je hoopt altijd iets bijzonders tegen te komen,' vertelt Anne. 'Dat maakt het werk zo leuk. Tegelijkertijd kan het voor het project ook impact hebben als een streng beschermde soort aanwezig blijkt.'

Meer dan alleen soorten tellen

In sommige gebieden, zoals Natura 2000 gebieden of het Natuurnetwerk Nederland (NNN), kijken ecologen niet alleen naar soorten, maar ook naar de kwaliteit van de leefomgeving. 'Daar gaat het ook om de vraag hoe een gebied als geheel functioneert,' legt Anne uit. 'Bijvoorbeeld hoe water zich door een gebied beweegt en wat dat betekent voor de natuur.' Dat vraagt om extra zorgvuldig onderzoek, omdat veranderingen in deze gebieden niet zomaar te herstellen zijn.

Waarom dit onderzoek zo belangrijk is

Het doel van het ecologisch onderzoek is duidelijk: begrijpen wat er leeft en wat de invloed van het project op de omgeving kan zijn. 'Als je niet weet wat er leeft, kun je er ook geen rekening mee houden,' zegt Bart. 'Met de juiste kennis kun je negatieve effecten voorkomen of beperken, bijvoorbeeld door werkzaamheden aan te passen of op een ander moment uit te voeren.'

De uitkomsten van het onderzoek worden gebruikt voor onder andere het milieurapport (het MER) en vergunningaanvragen. Ze vormen een belangrijke basis voor keuzes in het project.

Of zoals Anne het samenvat: 'We leven niet alleen op de wereld. Dit onderzoek helpt om een balans te vinden tussen ontwikkeling en natuur.'

Gewoon leuk om te ontdekken

Voor veel ecologen blijft het veldwerk, ondanks alle regels en planning, vooral interessant en leuk. Of het nu gaat om het spotten van een zeldzame vogel, het vinden van sporen in de modder of het onderzoeken van een sloot in het donker – iedere dag kan iets onverwachts opleveren.

Juist die afwisseling maakt het werk bijzonder. Achter de schermen wordt hard gewerkt, met veel aandacht en zorg. Zodat straks niet alleen duidelijk is waar de leidingen kunnen komen, maar ook hoe dat kan met respect voor alles wat er al leeft.