Spring naar inhoud

Samen werken aan een emissievrije bouwplaats

Nieuws

Type
Nieuws
Leestijd
4 min lezen
Datum

Gasunie speelt, samen met partners, een flinke rol in de energietransitie. Een van de duurzame ambities is een emissievrije bouwplaats vanaf 2030. Jan Marten Spanjersberg, directeur Operations & Projects bij Gasunie, en Jos van den Heuvel, directeur van Heijmans Infra Energie, vertellen hoe zij er samen de schouders onder zetten. 'We wachten niet tot er een ultieme oplossing is. We gaan dit gewoon doen.'

'Duurzaamheid is een thema van ons allemaal’, aldus Jan Marten. ‘We moeten dit echt samen doen.’ Sinds afgelopen voorjaar heeft Gasunie raamovereenkomsten met zes aannemers, waarvan Heijmans er een is, met als doel de energietransitie te verwezenlijken. En hoewel de landelijke doelstelling voor de emissievrije bouwplaats op 2050 ligt, werken we samen toe naar 2030. ‘Het is mooi dat we samen onze nek uitsteken’, zegt Jos. ‘Ik vind dat Heijmans en Gasunie, maar ook onze onderaannemers en leveranciers, een belangrijke regierol hebben.’

Doen wat kan

Een emissievrije bouwplaats begint met elektrisch materieel. In het beheer en onderhoud van de energie-infrastructuur kan Gasunie een deel van de klussen goed plannen. Dan kan er bijtijds bijvoorbeeld een aggregaat op elektriciteit of waterstof worden geregeld. ‘Waar het kan, daar moeten we het doen’, vindt Jan Marten. Er is echter veel elektrisch materieel nodig – wat nog niet voldoende beschikbaar is, of onbetaalbaar is. En soms moet een klus met spoed worden gedaan en kan het niet geregeld worden. De praktische uitdagingen kent Jos als geen ander. ‘Om elektrisch materieel te laten rijden, zijn stopcontacten nodig, terwijl die er vanwege netcongestie vaak nog niet zijn.’ Ook daarvoor is Heijmans echter al creatief oplossingen aan het ontwikkelen, zoals intelligente laadhubs die efficiënt gebruikmaken van energie.

Transport en bouwmaterialen

Naast elektrisch materieel kijkt Heijmans ook verder. ‘We kunnen al in de ontwerpfase kijken of er duurzamere werkmethodes mogelijk zijn. Bijvoorbeeld door minder transportbewegingen of minder grondverzet. We bekijken de complete keten kritisch. Slim nadenken over logistiek hoort ook bij de emissievrije bouwplaats.’ Jos noemt bijvoorbeeld WarmtelinQ in Den Haag. ‘De pijpleidingen laten we per trein uit Polen naar Nederland komen. En door de structurele samenwerking kunnen we nu bij Gasunie vooraf al meedenken over duurzame ontwerpoplossingen.’

Elkaar scherp houden

De raamovereenkomst tussen Heijmans en Gasunie is nog vrij jong. Zowel Jos als Jan Marten noemen het een huwelijk dat nog in de wittebroodsweken verkeert, waar de relatie nog verder verstevigd moet worden. Jan Marten: ‘We vinden elkaar als partners in deze gezamenlijke opgave. En bij een (werk)relatie hoort een open feedbackcultuur. Die openheid bepaalt de kracht van een relatie. Het is belangrijk dat we elkaar scherp houden. Als ik vind dat Heijmans te weinig doet, dan moet ik dat zeggen tegen Jos. En als Jos vindt dat we idiote dingen vragen, dan moet hij dat ook laten weten.’ Ook Jos vindt het belangrijk om in gesprek te zijn. We hoeven het niet altijd eens te zijn, maar het wederzijdse vertrouwen is er.’

Energie

Jan Marten waakt ervoor dat duurzaamheid propaganda wordt. ‘Ik wil graag dat mensen hier vanuit intrinsieke motivatie aan werken. En dan is het fijn als we tastbare dingen doen, op korte termijn. Dat motiveert. Als je het alleen maar over de grote, meeslepende doelen hebt, kan dat verlammend werken.’ Ook Jos wil niet wachten tot er een ultieme oplossing is. ‘We gaan gewoon beginnen, en realiseren ons dat het in de bouw een enorme transitie wordt. We doen pilots en investeren en nemen zo onze verantwoordelijkheid. Daar krijg ik energie van. Ik vind het heel mooi om te werken met early adopters, die nadenken over hoe we duurzaam ontwerpen en werken, en handvaten en tools creëren.’